zondag 24 maart 2013

Omzien in Wrok


I
In New York zijn open gespreksavonden enige tijd een ware rage geweest. Mensen konden op doordeweekse avonden bij wildvreemden aanschuiven en op goed geluk een gesprek beginnen. Dat was uiteraard in de periode dat facebook nog niet bestond. Twee onderwerpen waren verboden: politiek en religie. Te explosief, aldus de initiatiefnemer.

Ook op facebook zijn het meestal discussies over politiek en/of religie die uit de hand lopen. Afgelopen week was het weer eens raak. De publicist Brecht Arnaert plaatste een link naar een artikel over racistische moorden op  Zuid-Afrikaanse burgers, en iedereen viel over hem heen. Het bijzondere was dat de slachtoffers blanken waren, en de daders zwarten. Als het andersom was geweest, zou er vermoedelijk geen probleem zijn geweest. Racisme identificeren we vrijwel uitsluitend met het blanke ras en de Westerse (dat wil zeggen: onze eigen) cultuur. Waarom eigenlijk? Waarom is er in onze media zo weinig aandacht was voor dit soort 'zwart racisme' en zoveel voor 'blank racisme'.
Een veelgehoord antwoord is dat hierbij sprake zou zijn van een soort masochisme: wij zouden als kinderen van een christelijke cultuur zijn opgegroeid met een begrip als erfzonde, en daardoor graag een mea culpa slaan. Een schuldbekentenis is binnen de christelijke cultuur ook een eerste en noodzakelijke stap tot de vergeving van de zonden. In positieve zin heeft die houding geleid tot een kritische houding ten aanzien van de eigen geschiedenis, die elders vaak op pijnlijke wijze afwezig is. In Among the Believers beschrijft de auteur en Nobelprijswinnaar V. S. Naipaul hoe hij, op reis door de Islamitische wereld,  ontdekt dat kinderen van mening zijn dat de islamitische veroveringen door de eeuwen heen vreedzame gebeurtenissen waren, en een zegen voor de onderworpen volkeren. Dat hebben ze zelf niet verzonnen, aldus Naipaul, het moet ze zijn aangedragen. Hoe kun je kinderen zoiets wijsmaken? vraagt hij zich wanhopig af.

In Nederland ontstond nog niet zo lang geleden onrust toen in een televisieprogramma aandacht werd besteed aan de zogenaamde Slachting op Banda, waarbij de goede vaderlander Jan Pieterszoon Coen, gouverneur-generaal van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) in 1621 ruim veertig stamhoofden van de bevolking van het Indische (Indonesische) eiland liet executeren. Ze hadden zich bij de handel in nootmuskaat, een zeer populair artikel, niet gehouden aan de regels van de VOC en de gouverneur-generaal toonde zich van zijn wreedste kant: hij gaf zijn militie, bestaande uit zes Japanse samoerai, opdracht de stamhoofden voor de ogen van hun familie in stukken te hakken. Voor de meeste kijkers was dit verhaal nieuw, dus je zou kunnen concluderen dat we toch niet zo graag te koop lopen met onze tekortkomingen. Toch is het zo dat de meeste kijkers boos waren omdat het incident zo weinig bekendheid genoot. Waarom waren dit soort wandaden van iemand als Jan Pieterszoon Coen zolang verzwegen? Uiteindelijk besloot het gemeentebestuur van de stad Hoorn zelfs de tekst op de sokkel van zijn standbeeld aan te passen. In een land als Turkije is berichtgeving over de Armeense genocide nog altijd strafbaar: een uitzending als die over de Slachting bij Banda zou er tot opstootjes hebben geleid, maar niet omdat de feiten zo lang waren verzwegen, maar omdat iemand er melding van had durven maken.

II
Indien wij ons zouden moeten uitspreken over de juiste houding tegenover het verleden, zullen de meesten van ons eerder kiezen voor de kritische Hollandse houding, waarbij de eigen historische wandaden onder ogen worden gezien, dan voor de Turkse, waarbij het ter sprake brengen van vergelijke  wandaden strafbaar wordt gesteld. Het lijkt er echter op dat die kritische houding een onaangenaam neveneffect heeft veroorzaakt, waarbij ze in veel gevallen is omgeslagen in zelfverachting.

Opmerkelijk bij deze discussie op facebook, was hoeveel mensen de daden van zwart racisme meende te moeten verklaren door te verwijzen naar het koloniale verleden. Goed, de daden waren af te keuren, maar we hadden het er als blanken wel naar gemaakt: die arme zwarten waren eeuwenlang door ons gekolonialiseerd en dat had veel wrok veroorzaakt. Zoals iemand heel pontificaal stelde: "Je maakt mij niet wijs dat deze moorden niet met het kolonialisme te maken hebben." Op de vraag of eventueel geweld van Vlamingen of Nederlanders gericht tegen Duitsers of Spanjaarden ook voor deel kan worden verklaard uit de Tweede Wereldoorlog of de Spaanse Furie, kwam natuurlijk geen antwoord. Een ander was zelfs van mening dat de zwarten het moorden van de blanken hadden geleerd. Voor de komst van de blanken, die het continent alleen maar kwamen leegroven, was Afrika blijkbaar een soort aards paradijs waar moord en doodslag onbekend waren. Wie iets anders beweert, maakt zich schuldig aan eurocentrisch denken.

Het lijkt moeilijk om deze houding zuiver terug te voeren op de erfzonde, of het christendom in het algemeen. In het verleden bestond wel zoiets als kritische reflectie, maar van zelfverachting merkte je weinig. Een boek als Max Havelaar zet wel vraagtekens bij koloniale praktijken, maar de schrijver, Multatuli, heeft het vooral over misstanden in de kolonie, over het corrupte regeringsstelsel ter plaatse. Het feit dat Nederland Indië heeft gekolonialiseerd lijkt hem eigenlijk niet zo sterk te storen. Wat dat aangaat, was ook Multatuli een kind van zijn tijd. Het is vooral na de Tweede Wereldoorlog dat de kritische reflectie aangaande het eigen verleden is doorgeslagen naar zelfverachting. De (begrijpelijke) gedachte was: Dit nooit meer. Nooit meer oorlog, nooit meer rassenhaat, nooit meer fascisme.
Met name aan linkse zijde is de Tweede Wereldoorlog uitgegroeid tot een negatief ijkpunt, waarbij men zichzelf definieert als het spiegelbeeld van eigenschappen die met deze historische gebeurtenis in verband wordt gebracht. Men is voor iets, maar tegen, niet pro, maar anti: anti-racistisch, anti-fascistisch. Als men deze termen aantreft, in de naam of de statuten van een beweging, kan er donder op zeggen dat men te maken heeft met een Marxistische mantelorganisatie. Wat dat aangaat vervullen de termen de zelfde rol als het woord 'democratie': dat werd (en wordt) bij voorkeur gebruikt door staten waarbij het met de democratische rechten van de burgers niet best werd gesteld: De Duitse Democratische Republiek metselde haar onderdanen vast achter een muur. Noord-Korea heet trouwens ook de Democratische Volksrepubliek Korea. Een begrip dat tijdens de Koude Oorlog erg populair was onder Marxisten, met name in Oost-Duitsland, was "revanchisme" (Revanchismus). Het maakte deel uit van de propagandamachine van de SED (Socialistische Einheitspartei Deutschlands). De opvatting luidde dat het kapitalistische Westen (West-Duitsland) de klok onheroepelijk zou willen terugzetten door het aan het Socialisme verloren gebied terug te veroveren. Op die manier werd ook de repressie van de eigen bevolking en de bouw van de Muur verklaard: In het westen heerste Revanchismus. Men moest wel. Men wilde vooruit, op naar een stralende socialistische toekomst, niet terug naar de kapitalistische hel van het verleden.


III
Bij dit alles is de gedachtegang om hedendaagse wandaden te 'verklaren' uit het verleden, dit omzien in wrok, een tamelijk gevaarlijke bezigheid. Massamoordenaars zijn er gek op. Hitler wees maar al te graag op de vernederingen van de Vrede van Versailles (1919) voor het Duitse Volk en de Holocaust zou waarschijnlijk onmogelijk zijn geweest als de vlammende antisemitische retoriek geen goede voedingsbodem had gevonden in een eeuwenoude, mede door de kerk gepropageerde jodenhaat. Naast hun greep op de financiële markten, verweet men de Joden namelijk vooral de moord op Christus. De Romein Pontius Pilatus waste zijn handen immers in onschuld en liet de beslissing over aan het volk:

(Matt 27,22-26): (...) Zij riepen allen: aan het kruis met hem'. Toen Pilatus zag dat hij niets verder kwam (...) liet hij water brengen en waste ten overstaan van het volk zijn handen, terwijl hij verklaarde: 'Ik ben onschuldig aan het bloed van deze rechtschapen man, gij moet het zelf maar verantwoorden.' Heel het volk riep terug: Zijn bloed kome over ons en onze kinderen!'
Stalin voerde op zijn beurt de Russische veldtocht en de talloze Russische doden aan als rechtvaardiging voor de opmars van het rode leger in westelijke richting, die gepaard ging met het opzettelijk deporteren en laten ombrengen van meer dan een miljoen Duitse burgers. Ook vonden er massale verkrachtingen van vrouwen plaats (in Berlijn alleen al naar schatting 300.000). In de ogen van de Russische propaganda waren de Duitsers blonde duivels. De boodschap was duidelijk: deze duivels en duivelinnen hadden de vernederingen geheel aan zichzelf de danken.

Je kunt er donder op zeggen, dat de zwarte Zuid-Afrikanen die raids onder blanke bevolking uitvoeren, dezelfde verklaringen afleggen over het koloniale verleden. Ze kennen de Westerse gevoeligheid op dit punt en maken er graag gebruik van. Waarschijnlijk hebben ze ook een revanchistische verklaring voor handen: als ze niet oppassen, draaien de gehate blanken natuurlijk de klok terug.


Noot:

(1) Het betreft hier de zogenaamde erfaanvallen (in het Zuid-Afrikans: plaatsmoorde), aanvallen op erven, boerderijen die sinds de afschaffing van de Apartheid plaatsvinden, en waarvan vooral blanke inwoners het slachtoffer zijn.



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen